Het was inmiddels alweer drie jaar geleden dat de fanfare van Stramproy op concertreis was geweest. Toendertijd, in Bad Bertrich, was ik er voor de eerste keer bij. Gezelligheid stond voorop, een paar optredens van de fanfare en de Grenskapel waren, althans wat mij betrof, bijzaak. Me een weekend lang gezellig ge-amuseerd. Toen begin dit jaar bekend werd dat er weer een concertreis zou komen was voor mij de keuze dan ook simpel: MEE. Wel een probleempje: het eerste weekend van juli stond al het concert van Genesis gepland. Gelukkig bleek dat een probleem wat vlot opgelost was toen ook Theo en Mary-Anne besloten mee te gaan naar Kattenes, de plek waar de reis dit jaar op aan ging. Zei reden met eigen vervoer en dus kon ik zondag 's morgens daarmee terug naar huis.
Maar hey, we moeten eerst nog vertrekken dus ik start bij de vrijdagmiddag.
Bah wat een weer. De ochtend gewerkt, broodje gehapt en gauw naar huis gekart. De tas had ik donderdagavond al gepakt en m'n camera spul was vlot bij elkaar gezocht. Nog een berg was naar mam gebracht, de afwas gedaan en exact op tijd stond ik klaar om in de auto te stappen. Mariëlle zat er al in, net als Theo en Mary-Anne en ook Miriam had een plekje gevonden. Tel daarbij nog een berg bagage, drie instrumenten en je begrijpt dat het erg krapjes was. Gelukkig hoefden we niet ver want de "achterbank" kon op het kerkplein overstappen in de gereedstaande bus. Spullen overladen, nog ff snel langs de flappetap en we konden afnokken, althans toen de rest ook klaar was.
Uitgezwaaid door verkeerd geparkeerde polen die hun weekend voorraad Jaegerbier aan 't inslaan waren reden we middels de touristische route via Weert en Roermond Duitsland in. Een kleine drie uurtjes later kroop de bus een smal steegje op in Kattenes en konden we onze intrek nemen in Hotel Langen. Kattenes is zo'n klein gat aan de Moezel waar je normaal gesproken nog niet dood gevonden wil worden. Touristische info zal natuurlijk wel spreken in kreten als pitoresk, adembenemd uitzicht op de Moezel, fantastische ligging etc. De waarheid is gewoon dat we blij mochten zijn dat er de twee-jaarlijkse weisfesten waren zodat er toch nog wat leven in de tent was.
Maar goed, zooi uitpakken en een goede maaltijd tot ons nemen, dat kun je in Duitsland wel. Omdat de Kapel die vrijdagavond nog moest spelen kregen de muziekanten daarvan wat vlotter te bikken van de rest. Gelukkig had ik me daar toch maar bij gezet. Na afloop ging het op naar het festival terrein. Een zooitje mensjes, wat wijnkoninginnetjes en wanabees en verder niet te veel te beleven. De Kapel mocht proberen de boel wat op te laten leven wat eigelijk pas lukte toen de rest van de fanfare kwam kijken. Toen de sfeer eindelijk een beetje losser werd (mede door de drank natuurlijk) werd het aardig gezellig. Niet moeilijk voor te stellen dat het toch nog laat werd.
Koblenz


De zaterdag stond in 't teken van het bezoek aan en optreden in Koblenz. Na een aardig ontbijtje was het tijd om wat spullen bij elkaar te zoeken en een plaats te nemen in de bus. Een kleine 25 kilometer langs de Moesel onder terreur van Sjuul die het nodig vond om z'n jeugdherinneringen aan dit gebied op te dreunen. Gelukkig parkeerde de bus al na niet al te lange tijd bij Die Deutsche Eck. Vanuit daar konden we de eerste uren Koblenz op eigen houtje verkennen. Rond een uur of twee moesten we weer terug zijn omdat de muziekanten dan hun instrumentaria uit de bus konden halen voor het optreden nog een uurtje of wat later op de Jesuïtenplatz.
Die vrije tijd maar aardig gebruikt, een beetje rondgekuierd, erachter gekomen dat op 't podium wat voor die Deutsche Eck gebouwd werd diezelfde avond Pür zou optreden, nog meer rondkuieren, wat zoeken naar een plek om te bikken en die uiteindelijk gevonden na het rondje gerond te hebben op de Deutsche Eck.
Het optreden was wel aardig, toeristen en lokale bevolking genoeg die het wel aangenaam vond. Enige nadeel daar: een pot bier kostte 2,50 euri, en dat dan voor 0,2 liter uit een plastic beker waar je nog eens een euro statiegeld op moet betalen. Tsja, in en om Koblenz niet voor nix zoveel Porsches en een Lambo gezien.
Na het optreden nog eens terug naar de bus en weer ff een paar uur rond gekuierd voor we weer terug naar Kattenes konden.
Saterday Night Fever
Dat het zaterdagavond iets drukker zou worden op het festival terrein, dat kon eigelijk niet anders, maar dat het er vol zou staan met een behoorlijke bende jeugd, dat hadden wij dus niet echt verwacht. De reden: Double Dee, een regionaal bekende cover band die daarginder aardig in trek was. Na het avondeten hadden de dames nog ff tijd nodig voor de make-up of make-over en dus kwamen we tegen half elf pas aan. Eerst maar een beetje de kat uit de boom gekeken en gezien hoe die duitsers zich net zo maf kunnen gedragen als hollanders bij de Heideroosjes. In een iets later stadium, na wat meer Bitburgers en wijn dus, was 't ook voor ons ein Grosser Fest. Een bende van een man [M/V] of tien bleef van de fanfare hangen en sommigen hadden het na een uur of één wel gehad maar toch bleef het gezellig. Tegen de klok van twee uur de laatste bisnummers en met werden wat zware gevallen op huis aan gesleept. Gelukkig zagen we ze allemaal bij 't ontbijt weer terug, al sprak ook toen hun gezicht boekdelen.
Zu Hause
De zondag stond in 't teken van rust en vrede, althans, voor de muzikanten van de Kapel en Fanfare: zij moesten die morgen een mis opluisteren en de middag nog enkele optredens doen voor de mensjes van Kattenes. En ik? Tsja, ik nokte 'm na het ontbijt met Theo en Mary-Anne af naar huis om daar ff om te douchen en om te kleden en daarna ging het naar Genesis. Maar daarover heb je allang kunnen lezen.
Al met al een lekker weekendje daar aan de Moesel. In totaal nog geen 48 uur van huis geweest maar het leek wel een week. Een plezierige week dan wel! In 2009 zou er ook nog een concertreis zijn. Misschien dat ik me maar vast de maandag vrij moet vragen …
Tags: bernkastel, brauneberg, fanfare, grenskapel, weinabend